Please reload

Featured Posts

‘Dit is waarvoor ik arts ben geworden’

September 5, 2017

1/1
Please reload

INTERVIEW TESSA ROSEBOOM

July 27, 2018

“Door al die waarschuwingen eten zwangere vrouwen misschien juist mínder groente en fruit.”

 

 

 

Je krijgt maar één kans op een goed begin, zegt Tessa Roseboom, hoogleraar Vroege Ontwikkeling en Gezondheid aan de Universiteit van Amsterdam. De leefstijl van de ouders in de eerste 1000 dagen van hun kind is cruciaal. “Investeren in een stevige start doet meer voor het bevorderen van gezondheid en welzijn in onze maatschappij dan alle bewezen effectieve behandelingen bij elkaar.” Zonder opgeheven vingertje, graag.

 

1) Waarom zijn de eerste 1000 zó belangrijk dat je besloot er een boek over te schrijven?

De ontwikkeling die we doormaken in de eerste 1000 dagen – van enkele cel tot 2 jarige peuter – vormt ons voor een belangrijk deel tot wie we zijn. Onderzoek in verschillende vakgebieden – biologie, geneeskunde, economie – toont aan dat die periode van het leven van cruciaal belang is. De omgeving in die eerste 1000 dagen bepaalt de kwaliteit van de lichamelijke en geestelijke gezondheid van de volgende 32000. En dat heeft vergaande implicaties. Je vermogen om te leren, hoe goed je gebruik kunt maken van onderwijs: de blauwdruk daarvoor wordt nu gelegd. Juist vanwege die razendsnelle ontwikkeling is het van fundamenteel belang dat die eerste periode goed is. Zo nee, dan heb je daar levenslang last van. Alsof je je leven begint met een valse start en de rest van het leven moet knokken om met die achterstand om te gaan. Een hart kan je nou eenmaal niet opnieuw aanleggen, net zomin als het brein. Je krijgt maar één kans op een goed begin!

Nu er zoveel bewijs is voor het belang van die eerste 1000 dagen (vanuit al die verschillende vakgebieden) vond ik het tijd al dat bewijs bij elkaar te brengen in een boek, zodat aanstaande ouders daarvan op de hoogte zijn, maar ook zorgprofessionals en beleidsmakers. Het is tijd dat we meer investeren in een goed begin.

 

2) Houden we in de huidige gezondheidszorg wel genoeg rekening met al deze nieuwe inzichten?  

Nee, zeker niet! In plaats van grote uitgaven in de gezondheidszorg aan het eind van de levensloop, zouden we meer moeten uitgeven aan een goed begin. Dat bespaart veel leed en kosten. Investeren in een stevige start doet meer voor het bevorderen van gezondheid en welzijn in onze maatschappij dan alle bewezen effectieve behandelingen bij elkaar. Dat is het dubbel en dwars waard.

Verloskundige zorg bijvoorbeeld, zou al eerder moeten beginnen. Voor de conceptie. Nu komt die zorg er pas aan te pas als alle organen al zijn aangelegd. Dit is niet het makkelijkste voorstel, want we zijn nu eenmaal gewend om pas zorg te verlenen (en vragen) als de zwangerschap een feit is. Ik denk dat de huisarts hier een belangrijke rol in kan spelen. Hij of zij ziet mensen over een langere periode. Er zijn veel meer kansen die we kunnen aangrijpen. Niet alleen in de zorg, ook maatschappelijk.

 

3) Op welke maatschappelijke kansen doel je?

Zolang vrouwen nog meer dan mannen worden geconfronteerd met geweld, armoede, lagere lonen, onbetaalde banen en stress, is de start voor onze toekomstige generatie nog niet optimaal. Want zoals de moeder de omgeving is van het ongeboren kind, zo is de maatschappij de omgeving van de moeder. Gelijke kansen voor mannen en vrouwen zijn essentieel – juist, als het om de kinderen gaat. Hier is nog een wereld te winnen, en dat was voor mij een belangrijke reden om het boek te schrijven. Want hoe relevant het onderzoek ook is dat ik doe als hoogleraar, door de wetenschappelijke publicaties daarover verander ik de wereld niet. Een boek heeft meer impact. Daarom heb ik het eerste exemplaar aan minister de Jonge overhandigd.

 

Hij heeft mij gevraagd om mee te werken aan het programma Kansrijke Start, en via andere organisaties kan ik ook internationaal, onder andere in Zuid Afrika en de VS, nog meer leren en bijdragen.

 

4) En de mannen, is daar nu genoeg aandacht voor?

Mannen worden in dit opzicht veel te vaak vergeten. Als we het verschil willen maken moeten we ons niet alleen richten op moeders maar op alle aanstaande ouders. Vaders hebben een belangrijke invloed op de groei, ontwikkeling en gezondheid van hun kind. Ik denk dat heel veel vaders niet weten dat hun ook invloed heeft op de kans om zwanger te worden en op de gezondheid van hun kind. Bovendien zou het de vrouwen die gezonder willen gaan leven enorm helpen als mannen solidair zijn.

 

5) Wat kunnen (aanstaande) ouders concreet doen met leefstijl?

Natuurlijk de bekende dingen: stoppen met roken en drinken. Maar ook voeding heeft veel invloed, zowel op de kwaliteit van het zaad van de man als op de vruchtbaarheid van de vrouw. Meer groente en fruit, minder ongezonde vetten: het helpt allemaal mee bij een zo gezond mogelijke zwangerschap. Je kunt hier niet vroeg genoeg mee beginnen, maar toch zeker drie maanden voor het begin van de zwangerschap. Veel ouders weten dat niet, en het is ook echt best lastig om goede informatie hierover te vinden. Er is nu niet één plek waar alle informatie over een goede leefstijl verzameld is. Op het internet is er wel heel veel voedingsadvies, maar die is vaak tegenstrijdig. Dat bleek onlangs uit een inventarisatie van het RIVM.

 

Volgend jaar start een adviestraject van de Gezondheidsraad waarin deze voedingsadviezen verder geëvalueerd zullen worden. Mij stoort de nadruk op gevaar bij de voorlichting over voeding. Dit mag niet, dat mag niet; veel vrouwen krijgen er stress van. Natuurlijk, veiligheid staat voorop, maar het opgeheven vingertje, zoals in ‘je moet groente en fruit goed wassen, anders heb je kans op gezondheidsschade door voedselinfecties’ en ‘pas op met kaneel en met rabarber’ zou wel eens averechts kunnen werken. En ervoor kunnen zorgen dat vrouwen juist minder groenten en fruit gaan eten. Wat mij betreft verschuift de nadruk veel meer naar wat je wél mag. Dit is nu juist het moment om te genieten van gezonde, gevarieerde voeding. Lekker, en relaxed.

 

6) En hoe kan de huisarts hier in ondersteunen?

Door het gesprek over een eventuele kinderwens actief aan te gaan. Dat kan heel goed met open vragen. ‘Denken jullie er over na? Weet je wat belangrijke factoren zijn? Wat de invloed van roken is? En van voeding, medicatie, alcohol, stress en overgewicht?’ Je zou het complete plaatje van een jong gezin in kaart moeten proberen te brengen. Eventuele problemen signaleren, rondom financiën, werkloosheid, geweld of depressie bijvoorbeeld en daarop voldoende hulp schakelen en ondersteuning bieden. Dat is een lang gesprek, en ook niet makkelijk, maar de winst die we kunnen boeken is zo groot!

 

7) Wanneer en op welke manier maak je dit bespreekbaar?

Een logisch moment is als een vrouw haar spiraaltje wil laten verwijderen. Of als het recept voor de pil niet meer wordt herhaald. Je kunt er natuurlijk ook ‘zomaar’ uit jezelf over beginnen. Dat is een andere manier van werken dan we nu gewend zijn. Huisartsen komen pas in beeld als een vrouw zwanger is – of als er problemen zijn met de vruchtbaarheid. Het kan misschien lijken of je je mengt in de privésfeer, maar dan is het goed om je te realiseren dat iedere ouder het beste wil voor z’n kind. Ik denk dat we daar meer gebruik van kunnen maken. Niet door waarschuwingen en een opgeheven vinger, maar met een positieve, ondersteunende boodschap, en  door beleid dat ouders helpt hun kind een goede start te geven. In mijn boek geef ik meer handvaten om dit gesprek met mogelijk aanstaande ouders te voeren.

 

8) Stel dat de start toch suboptimaal is, is dan alles verloren? 

Absoluut niet! Mijn pleidooi is vooral dat als we meer investeren in een goede start het zo veel meer winst kan opleveren, dan als we pas actie ondernemen als er zich problemen voordoen. Maar het betekent zeker niet dat na een slechte start alles gedoemd is tot mislukken. Mensen met een slechte start zijn kwetsbaarder, maar ook gevoeliger voor de positieve effecten van onder andere leefstijl, dus dat biedt juist ook kansen. En laat zien dat er met gezonde keuzes er altijd nog verbetering mogelijk is.

 

9) Zijn er tools die ons kunnen helpen in de spreekkamer? 

Ik ken geen wetenschappelijk beproefde tools. De zwangerwijzer of slimmerzwanger helpen om de risicofactoren in kaart te brengen. Of ze daadwerkelijk leiden tot een gezondere zwangerschap en gezondere kinderen, is nog niet bewezen. 

https://www.zwangerwijzer.nl

https://www.slimmerzwanger.nl

 

10) Welk concreet advies wil je aan elke patiënt meegeven?

Ik zou iedereen, vrouwen én mannen, die overweegt om kinderen te krijgen willen vertellen dat die eerste 1000 dagen super belangrijk zijn. En dat je een enorme voorsprong kunt krijgen als je je leefstijl optimaliseert en stress vermindert. Voor de omgeving is het belangrijk om paren te ondersteunen. Als vrouwen of mannen geen alcohol willen drinken, horen ze toch nog steeds ‘goh doe niet zo ongezellig.’ Als je zwanger bent heb je nog een soort van excuus, maar in de fase daarvoor wil je je beweegredenen misschien niet aan de grote klok hangen. En eigenlijk heb je natuurlijk helemaal geen excuus nodig, maar de druk vanuit de omgeving kan toch echt lastig zijn. Ik denk dat we daar als maatschappij beter mee om kunnen gaan. Een tip voor mensen met een kinderwens kan zijn om toch iemand in vertrouwen te nemen. Wie zou je kunnen helpen om je goede voornemens vol te houden? Die je niet alleen steunt als het lastig is, maar ook een complimentje geeft als het wél is gelukt. Want als je ook jezelf nog schouderklopjes moet gaan geven… dat kun je beter vragen aan een vriendin, zus of je vader, bijvoorbeeld.

 

11) Wat kunnen we de komende 5 jaar verwachten aan ontwikkelingen op dit gebied? 

Na de zomer komt minister de Jonge met het programma Kansrijke Start en ook internationaal staat er veel op stapel waarin meer geïnvesteerd wordt in een goed begin voor elk kind. Spannende tijden!

 

 

12) Op 7 september organiseer je het WOMB symposium. Kan je ons wat meer vertellen over de inhoud en het doel van dit symposium? 

Het WOMB symposium wordt georganiseerd vanuit het WOMB project. Dit grote, internationale onderzoeksproject richt zich op de gezondheid van vrouwen, de effecten van voeding en de misverstanden en mythes die er zijn rondom vruchtbaarheid. Neem de relatie tussen overgewicht en vruchtbaarheid. “Ik ging naar de arts omdat ik hulp nodig heb om zwanger te worden – maar ik werd weggestuurd met een dieet,” hoor ik vaak. En ook al klopt het dat gewicht verliezen vrouwen kan helpen om zwanger te worden, waar het soms mis gaat is in de communicatie van artsen. Vrouwen krijgen het gevoel dat het overgewicht en de vruchtbaarheidsproblemen hun eigen schuld zijn. Dat ze te weinig wilskracht hebben. Of deze: ‘ach, je moet je er gewoon niet zo op focussen, ga toch eens lekker op vakantie.’ Onhandig. We praten er niet gemakkelijk over. Terwijl een leefstijl interventie bij vrouwen met overgewicht en een kinderwens een belangrijke positieve invloed kan hebben -  zelfs als er maar beperkt gewichtsverlies wordt bereikt. We vonden een halvering van de risico’s op metabool syndroom. 

 

13) Van welke andere artikelen ben je nog meer erg onder de indruk?  

De Lancet preconception series, ik raad echt iedereen aan om daar kennis van te nemen.

 

 

door Susanne de Joode, medisch redacteur bij onder andere FoodFirst Network, partner van Arts en Voeding. Susanne’s kijktip: in deze video vat Tessa het belang van de eerste 1000 dagen samen.

 

 

 

 

Please reload

© 2016 by Vereniging Arts en Voeding  KVK nummer: 66432855